Kerstverhaal

Kerstverhaal

Lang geleden werd er een kindje geboren in een stal. Dit is op zich al heel bijzonder, maar het kind was voorbestemd een heel speciaal leven te leiden. Na jaren van onderdrukking door verschillende volken kregen de joden eindelijk een nieuwe koning om hen te verlossen. Hij zou Jezus heten, wat ‘God redt’ betekent. Zijn komst was een paar honderd jaar eerder al aangekondigd en nu was het dan eindelijk zover.

Zijn vader Jozef had hem niet zelf verwekt en zijn moeder Maria eigenlijk ook niet. Aartsengel Gabriël vertelde Maria dat ze een kind krijgt dat niet van haar man was. Het was het kind van God, maar Jozef mocht de zorg op zich nemen en voor de rekeningen opdraaien. Jezus had dus twee vaders. Het eerste co-ouderschap was geboren. Volgens mij verliep dat prima. Iets waar we tegenwoordig nog veel van kunnen leren.

De timing van zijn geboorte was niet ideaal. Keizer Augustus had een volkstelling georganiseerd. Hij wilde weleens weten wie er in al zijn veroverde land woonden. Omdat er nog geen burgerservicenummers waren had hij geen overzicht meer en stuurde hij iedereen terug naar hun geboorteplaats. Voor Jozef was dat Bethlehem. Die had Maria meegenomen omdat hij haar niet alleen wilde laten in haar hoogzwangere toestand.

Helaas waren zij niet de enigen die naar Bethlehem terugkeerden. Het was daar nog drukker dan op de woonboulevard op tweede kerstdag en iedere herberg zat volgepropt. Er was nog wel plek in een stal, want de schapen waren op het land met hun herders. Ideaal was deze accommodatie niet, maar waarschijnlijk beviel het niet heel slecht. Jezus kwam daar zonder complicaties of medicatie gezond en wel ter wereld.

Ondertussen waren er wijze mannen op zoek naar deze nieuwe koning. In hun tijd zagen mensen astrologie nog als wetenschap en werd er geen moment getwijfeld aan de betekenis van de nieuwe ster die opeens aan de hemel stond. Voor hen was het een logisch gegeven dat de ster aangaf dat er een koningskind geboren was. Dus sprongen ze op hun kamelen en volgden de weg die de ster hun wees. Kennelijk verloren ze af en toe het signaal van hun navigatie, want ze hobbelden rechtstreeks naar het koninklijk paleis. Als ze nou op de tekenen van de hemellichamen hadden vertrouwd, in plaats van op hun verstand waren ze meteen goed gegaan. Maar ze dachten dat een koningskind in een paleis zou wonen. Begrijpelijk, maar soms kun je beter de signalen van het universum volgen in plaats van je verstand.

In dat paleis was geen baby te bekennen. Wel een chagrijnige koning die bang was van de troon gestoten te worden. Toen koning Herodes van de wijzen hoorde dat er een nieuwe koning geboren was maakte hij misbruik van zijn macht en gaf het bevel alle jongetjes onder de twee jaar te vermoorden. Alsof dit niks voorstelt walsen we in het verhaal over dit verschrikkelijke gegeven heen en gaan verder op zoek naar het koningskind. Nu volgen de wijzen wel de juiste route en komen ze bij de stal waar baby Jezus in een voederbakje ligt te slapen.

Zo kregen Maria en Jozef drie onbekenden op kraambezoek. Moeder en kind hadden misschien wel even rust willen hebben, maar het bezoek bracht wel geweldige kraamcadeaus mee. Goud, dat is eigenlijk gewoon geld, wierook, niet van Xenos maar net zoals ze in de kerken offerden en mirre, wat alleen de rijken konden betalen en geneeskrachtige eigenschappen bezit. Altijd handig zo na een stalbevalling.

Een engel sprak tot schapenherders in het veld en moedigde hen ook aan om op kraambezoek te gaan. Dan konden zij het gewone volk laten weten dat Jezus geboren was en hadden ze meteen een verzetje. Dus het werd een drukke bende daar in die stal. Hoe zou Maria zich hebben gevoeld? Veel tijd om daarover na te denken had ze niet, want ze moesten na die volkstelling ook nog op de vlucht slaan voor het leger van Herodes. Anders zou ook Jezus een van zijn vele slachtoffers worden. Gelukkig redde God Hem van de verschrikkelijke kindermoord. Hij redde helaas niet de onschuldige jongetjes die op brute wijze vermoord werden. God had in de tien geboden al geleerd dat opzettelijk moord niets goed doet. Waarschijnlijk had het daarom geen prioriteit om hier iets aan te doen. Hij moest halsoverkop Jezus in veiligheid brengen. Dat is gelukt. Over de jongetjes hoorden we niets meer. Die worden alleen nog herdacht in de katholieke kerk op 28 december, op de dag van de Onschuldige Kinderen.

Het verhaal van Jezus begon hier pas en is nooit geëindigd. Daarom vieren we nu nog ieder jaar zijn geboorte. Zelf had ik ook op 25 december geboren moeten worden. Misschien voelde ik al in de buik dat het niet de handigste verjaardag zou zijn. Daarom bleef ik nog even zitten.
Om het toch nog een persoonlijk tintje te geven, ben ik met een man getrouwd die vernoemd is naar Jezus Christus. Iedere Grieks-Orthodoxe Christos of Christina viert op 25 december zijn of haar naamdag. Dus als je er eentje kent mag je ze op eerste kerstdag ‘chronia polla’ ρόνια πολλά) wensen. Vele jaren betekent het. Ik wens iedereen, gelovig of niet, fijne feestdagen.

Kerstverhaal - Gerd Altmann Pixabay
Foto: Gerd Altmann Pixabay

Dopen op zijn Grieks

Dopen op zijn Grieks

Afgelopen zomer is Nora Grieks-orthodox gedoopt en heeft ze naar Griekse begrippen officieel haar naam gekregen. Bijna alle Grieken zijn gedoopt, maar slechts een klein deel gaat regelmatig naar de kerk. Met kerst en Pasen gaan de meeste Grieken wel naar de kerk. De geboorte en de dood van Christus zijn immers belangrijke momenten in de Bijbelse geschiedenis. Ook op school wordt het geloof bijgebracht en zodoende kent iedere Griek de bijbel met alle heiligen en de Grieks-orthodoxe rituelen.

Het geloof is belangrijk in Griekenland en een doop is een belangrijk en feestelijke gebeurtenis. Er was van alles voorbereid. Mijn schoonmoeder stond al dagen van tevoren in de keuken en familie en vrienden kwamen uit alle windstreken. Er werd een speciaal jurkje gekocht waar menig bridezilla jaloers op zou worden, compleet met nieuwe schoenen (twee maten te groot), ondergoed en hoedje. Ook was er voor deze gelegenheid een speciale kaars aangeschaft en een ketting van de juwelier met kruisje. De kaars mocht de kerk hebben en de ketting was voor Nora. Verder was er een speciale handdoek om na de doop mee afgedroogd te worden.

Ik dacht dat we haar thuis op gingen doffen en dan in vol ornaat naar de kerk. Waarschijnlijk was ik in de war met een bruiloft. Nora mocht ik haar gewone kloffie naar de kerk. Ze moest wel eerst douchen van papa, maar dat was omdat ze de drie dagen na de doop niet in bad mocht. De doop is nogal grondig want het kindje gaat in een grote emmer en wordt helemaal overgoten met water en olie. Het is gebruikelijk pas te dopen na de eerste verjaardag en niet zoals hier, kort na de geboorte. Ooit had ik een Griekse doop op tv gezien en kon me voorstellen dat de kleintjes dit niet echt heel leuk vinden. Aan de foto’s van Christos te zien had hij ook aardig wat weerstand getoond tegen dit bijzondere ritueel.

Om zeven uur ’s avonds begon het pas. Ik verwachtte dat iedereen plechtig de kerk zou betreden en dan plaats zou nemen. Als iedereen er was zou de papas (priester) zeggen dat Eleonora gedoopt ging worden en dan pas beginnen. Maar niet iedereen ging naar binnen. De papas bleek niet te weten wie hij ging dopen en dat haar moeder niet gedoopt was, wat kennelijk niet uitmaakt als ze maar kruisjes slaat. Hij wist ook niet hoe de nonna (peettante) heette, maar dat zijn dingen die je ter plekke kunt vragen.
We stonden nog half in de deuropening en de papas begon kruisjes te slaan en haar nep in het gezicht te spugen. Dit ‘spugen’ is ter bescherming tegen het kwade. Nora vond het allemaal maar niks en wilde alleen bij mij op de arm zitten. Eigenlijk moet de nonna haar dragen, maar zij mocht Nora’s knuffel Waffie dragen.

IMG-20160831-WA0009
Nonna draagt Waffie, papa en mama knielen.

 

Er werden allerlei Oudgriekse teksten opgelezen, af en toe met pauze om de namen te vragen. De priester las voor en de nonna ook. Zij moest bevestigen dat ze in God gelooft en de duivel afwijst.

De papas ging na een tijdje naar die ruimte voorin de kerk waar niemand mag komen om een witte cape over zijn zwarte gewaad aan te doen. De grote kaars werd aangestoken en het echte dopen kon beginnen. Nora moest haar kleren uit en werd ingesmeerd met heilige olie. Dat was olie uit de keuken van mijn schoonmoeder, in een zondagse karaf die gezegend werd door de papas. Mijn schoonouders hadden zelf jerrycans met water meegebracht en dat werd in de doopemmer (doopvont) gedaan. Daar ging wat van die olie in en toen moest Nora erin. Er zat niet veel water in, dus het werd geen waterballet.

Echt leuk vond ze het niet…

20160828_194628
Wazige foto zodat het minder erg lijkt.

Het heilige water werd met olie over haar heen gegoten. Toen ze eruit mocht werd ze afgedroogd met de gloednieuwe handdoek en kreeg ze haar doopjurk aan. De hoed wilde ze niet, haar speen wel. Er werd een plukje haar afgeknipt als offer aan God. Ik schrok me kapot toen ik dat hoorde en nam me voor in te grijpen als het een te grote pluk zou worden. Gelukkig zat mijn schoonmoeder er bovenop en werden het vier kleine plukjes, alleen even bijpunten.
Daarna moesten Christos en ik om het doopvont lopen achter de priester en nonna met Nora aan. Ik vraag me af of we nu niet stiekem ook getrouwd zijn voor de Griekse kerk. We moesten knielen en nonna’s hand kussen als dank dat zij deze belangrijke taak op zich wil nemen.

 

 

IMG-20160831-WA0007
Doopvont en het poortje naar dat gedeelte waar je niet mag komen.

Daarna gingen we naar buiten en kreeg Nora van iedereen cadeautjes. Speelgoed, maar ook geld en kleding. Iedereen kreeg taart en een soort bruidssuikers. Christos moest nog even mee naar dat gedeelte waar je anders nooit mag komen, om dooppapieren te tekenen.
Toen volgde er een uitgebreide feestmaaltijd in een restaurant. Nora was weer bijgekomen van alle commotie en had het naar haar zin.

In de week na de doop moet je terugkomen met de nonna en die kaars en krijgt de dopeling wat miswijn en een stukje brood. Al mijn voedingsprincipes in een keer overboord, maar het is voor en goed doel. Tijdens deze terugkomdagen werd ons haar naamdag verteld. Het is er eentje van belangrijke heiligen: Eleni en Konstantinos, 21 mei. Dan mag je haar feliciteren!
Een heel gebeuren dus dat helemaal ingebakken is in de Griekse cultuur. Toen ik eenmaal begreep hoe het geloof in de Griekse cultuur verweven is, vond ik het goed om Nora te laten dopen. Daarbij weet ik dat iedere religie in oorsprong goed is. Er zijn misschien mensen die verschillende geloven misbruiken, maar dat heeft niks met God te maken. Het belangrijkste is dat je het goddelijke in jezelf leert kennen en wie weet is het Grieks-orthodoxe geloof daar wel een middel bij voor Nora.

 

Koffie met een rietje

Koffie met een rietje

Toen ik negen jaar geleden voor het eerst naar Griekenland ging kende ik geen woord Grieks. Ik kon nog geen ‘hallo’, ‘doei’ of zelfs maar ‘proost’ zeggen. Inmiddels ben ik getrouwd met een Griek en hoor ik dagelijks Grieks. Mijn Grieks is verre van vloeiend, maar ik door de jaren heen heb ik aardig wat Griekse gewoonten leren kennen. Sommige daarvan zal ik nooit begrijpen. Zoals de scooter pakken voor een afstand van 100 meter of in een leeg restaurant aan het enige tafeltje gaan zitten dat nog afgeruimd moet worden. Andere heb ik zelf overgenomen zoals wc-papier in het prullenbakje gooien en frappé drinken. Frappé is ijskoffie zonder smaakje of roomijs, eigenlijk gewoon koude koffie.

Grieken drinken alleen koffie bij het opstaan of aan het begin van de werkdag. Als je uit eten gaat en ziet dat de ober nog een vol glas koffie heeft weet je dat hij net is begonnen, maar als het glas halfleeg is kan hij al ruim een uur aan het werk zijn. Grieken kunnen namelijk een eeuwigheid doen over hun koffie. Een grote kan koffie zetten en je kopje bijschenken zodra het leeg is kennen ze daar niet.

In de zomer, die in Griekenland zo’n zeven maanden duurt, drink je ijskoffie. Of een klein kopje super sterke Griekse koffie als je haast hebt. Zo eentje die je niet moet roeren omdat het koffiedik er nog in zit en de suiker er bij het koken al aan toe is gevoegd. Zo is het roeren van koffie sowieso een beetje een lastige kwestie. De ijskoffies frappé, freddo espresso en freddo cappuccino hoef je namelijk niet te roeren, het mág niet eens.

Even een uitleg van wat deze koffies nu zijn:

  • De frappé is gemaakt van oploskoffie en drink je uit een longdrinkglas met ijsblokjes en natuurlijk een rietje. Tijdens de bereiding worden er suiker en melk naar smaak aan toegevoegd en wordt dit met een beetje water en een speciale frappémixer opgeschuimd. Daarna voegen ze er ijs en water aan toe en klaar. Heel makkelijk en lekker als je van koffie houdt, minder als je van roeren houdt.
  • De freddo’s (freddo is Italiaans voor koud en ik heb geen idee hoe dat woord in de Griekse taal terecht is gekomen) zijn een koude espresso of cappuccino, waarbij de suiker er ook bij de bereiding aan toegevoegd wordt. Deze koffies zijn wat luxer omdat ze met koffie uit een echte horecamachine worden gemaakt. De melk wordt met ijsblokjes en weer de frappémixer opgeschuimd en net als bij de warme variant aan de espresso toegevoegd. Iets bewerkelijker, maar ook niet moeilijk. Je kunt ook een kleine meeneemversie van de mixer kopen om deze dranken zelf thuis te maken.

Deze ijskoffies worden geserveerd met een rietje. Daar kun je leuk mee roeren. Dat is dus niet de bedoeling. De eerste keer dat ik het hoorde besteedde ik er geen aandacht aan, maar toen ik het vaker hoorde wilde ik weten waarom het niet mag. Voor de cappuccino gold dat de melk dan met de koffie mengt en dat het dan niet meer mooi was. Niet omdat het ongeluk brengt, maar meer uitleg kreeg ik niet. Misschien voelt de barman zich gekwetst als ik zijn koffie verpest, maar zodra hij geserveerd is moet hij dat idee loslaten. Dat lijkt me niet zo moeilijk, daarom dacht ik dat er iets belangrijks achter zit. Het doet me een beetje denken aan James Bond die zijn drankje ook niet geroerd wil hebben.

Ik heb het even nagevraagd bij mijn eigen Griek toen ik hem zijn eigen frappé zag roeren en hij wist het ook niet precies. Hij wist wel te vertellen dat je frappé juist wel moet roeren om te testen of het schuimlaagje stevig genoeg is. Verwarrend allemaal.

Dus als je van plan bent om naar Griekenland te gaan wees dan voorbereid op instructies over het al dan niet roeren van je koffie. Vraag niet om uitleg en glimlach vriendelijk. Gebruik desnoods de taalbarrière als excuus. Nog een waarschuwing voor je onderuit zakt, toost nooit met koffie (of thee). Dat brengt wel ongeluk, maar is ook nog steeds niet helemaal duidelijk waarom. Iets met begrafenissen, omdat je dan koffie drinkt. Net of je verder nooit koffie drinkt, dus ook weer onduidelijk. Gelukkig krijg je in Griekenland altijd water bij je koffie. Dan kun je dat glas gebruiken bij een ‘proost-moment’.

Je kunt ook voor de veilige weg kiezen en meteen aan de alcohol gaan. Daar heb ik nog nooit opmerkingen over gehad, zelfs niet om 9 uur ’s morgens. Ga je toch voor de koffie, roer dan niet of doe het stiekem. Geniet ervan en yiamas (proost, maar dan met water)!