Poep

Poep

Onze kleine dreumes in inmiddels niet zo klein meer. Katie is over drie maanden al twee jaar en begint zich al als een echte peuter te gedragen. Krijsen als ze haar zin niet krijgt, zich op de grond gooien in het winkelcentrum en nee zeggen staat allemaal op het programma.
Ze begint ook meer te praten en weet zich goed duidelijk te maken. Nu alleen nog met onverstaanbare zinnen of losse woorden. Een van die woorden is poep. Het was niet helemaal duidelijk wat ze daar precies mee bedoelde. Dus vroeg ik of ze op het potje wilde. Ze zei ‘ja’. Dat woord staat gelukkig ook op haar repertoire. Al bedoelt ze dan niet altijd ja. Toch wil ze wel vaak op het potje zitten. Af en toe plast ze er ook op.

Vanaf onze vakantie afgelopen zomer wil ze niet meer op het potje. Ik deed toen al een jaar babyzindelijkheidscommunicatie (BZC) met haar. Ze heeft daarmee als baby heel vaak haar luier schoon gehouden. Niet omdat ik zo goed aanvoelde wanneer ze moest plassen, maar omdat ik haar kennelijk op de goede momenten boven het potje of de wc hield. Tot ze niet meer wilde. Dat was negen maanden geleden. Sindsdien heeft ze twee keer op het potje geplast en de laatste weken ook op de wc.
Het gekke is dat ze het niet fijn vindt. Als ze plast lijkt ze te schrikken en begint ze te jammeren. Twee weken geleden kwam ze zelfs al plassend en huilend van het potje af en plaste ze op de badmat verder. Ondertussen zat ik haar positief toe te juichen. “Ja, je plast. Goed zo! Tsss.” Dat tsss-geluid moet je vanaf het begin doen als je ze ziet plassen voor de herkenning. Daarna is ze dan wel weer blij. Alsof ze iets nieuws heeft geleerd.

Laatst liet ik haar zonder luier lopen omdat ze steeds poep zei. Ze zei ja toen ik vroeg of ze op het potje wilde, maar bleef kort zitten en probeerde haar broek op te trekken. Kennelijk voelt ze dat er iets uit moet, alleen weet ze niet precies wat ze ermee aan moet. Dan roept ze steeds poep en gaat naar het potje, doet niets en had ineens op de grond geplast. Dat vond ze niet fijn. Ze wil wel, maar mist een stukje van het proces. Of ze nou poep of plas bedoelt is ook niet helemaal duidelijk. Voor haar zelf waarschijnlijk ook niet. Poep betekent nu iets met het potje of de wc.

Ze heeft er in ieder geval veel interesse in. Ook in het handen wassen daarna. Net als haar grote zus komt ze daarna haar handen laten ruiken zodat je weet dat ze echt schoon zijn. Ik ben benieuwd hoe dit zich verder ontwikkelt. Ze is nu wel duidelijk aan het communiceren over haar zindelijkheid. Alleen een beetje onduidelijk.
Wel heel knap, vooral omdat ze zelf geen idee heeft wat er allemaal gebeurt. Ik vind het in ieder geval geweldig dat ze er mee bezig is. Of dat door de BZC komt weet ik niet. Misschien is er onbewust iets blijven hangen dat nu bij haar naar boven komt. Ik probeer zoveel mogelijk in te spelen op haar signalen en hoop dat zij het ook leuk vindt. Dat is namelijk het belangrijkste bij BZC.

foto: Alexas Fotos – Pixabay

Potjespauze

Potjespauze

Wie het gevolgd heeft weet dat ik vanaf kort na de geboorte babyzindelijkheidscommunicatie (BZC) met Katie doe. Ze heeft vaak op het potje geplast en gepoept en hield daarna langer haar luier droog. Om je baby op tijd op het potje te zetten moet je de signalen die hij geeft kunnen lezen. Die signalen probeer ik bij Katie al vanaf het begin te ontdekken, maar het lukt me niet. Echt helemaal niet. Het enige signaal dat ik ontdekt heb is een rood hoofd. Maar dan is de handeling al begonnen, dus dat telt niet als signaal.
Vaak hield ik haar boven de wc als ik zelf ook ging of zette ik haar op het potje bij het verschonen. Dan kwam er meestal wel wat. Ik maakte het tsss-geluid en benoemde dat ze plaste. Later maakte ik ook het gebaar voor plassen erbij, waarmee ze zelf aan kan geven dat ze moet plassen. Maar dat doet ze dus niet.

Vakantiestop
In juli gingen we voor drie weken naar Griekenland. In het vliegtuig verschoonde ik haar en een paar uur later was haar luier nog droog. Toen hield ik haar boven de wc en plaste ze. En daarna niet meer. De indrukken van de nieuwe omgeving waren denk ik te veel. Ook kreeg ze tandjes, had ze last van de warmte en probeerde ze te leren lopen. Te veel aan haar hoofd om ook nog zindelijk te doen.
Ik bleef het proberen, maar ze bleef niet zitten en wrong zich los. Thuis zou het wel weer goed gaan, dacht ik. Niet dus. Geen interesse in potje, wc of zelfs wastafel. Ik heb toevallig nog een paar plasjes opgevangen, maar verder is de communicatie of zindelijkheid sindsdien ver te zoeken.

Nieuwe poging
Nu twee maanden later blijf ik het potje aanbieden. Geen interesse van mijn 15 maanden oude dreumes. Ik snap er helemaal niets van, want ik geloof nog steeds wat ik eerder over BZC schreef. Dus dat baby’s zindelijk geboren worden en dat kunnen blijven als wij goed op hun signalen inspelen. Ik het boek ‘Je baby op het potje’ wordt dit duidelijk uitgelegd. Tijd om het opnieuw te lezen. Zindelijk is Katie nog niet, maar communiceren blijven we proberen.

Communicerende baby

Communicerende baby

Ik moet even iets toelichten. Op mijn blogs over babyzindelijkheidscommunicatie (BZC) krijg ik veel reacties op het zindelijk worden. Het gedeelte van communicatie met je baby wordt over het hoofd gezien. Terwijl dat juist de essentie van BZC is. Waarschijnlijk benoem ik dat deel ook te veel, waardoor het verkeerd begrepen wordt. BZC is communiceren met je baby door middel van zindelijkheid. Ik heb dit niet zelf bedacht. Er zijn boeken over vol geschreven. In veel culturen is het zo normaal dat er niet eens een woord voor is.

Het gaat erom je baby goed te leren kennen en begrijpen. De mogelijke bijwerking is zindelijkheid. 

Het begint met je kind observeren. Met of zonder luier aan let je op wat je kind doet en welke signalen het geeft. De baby zelf weet waarschijnlijk niet eens dat hij dit doet. Maar jij gaat erop reageren en dan krijgt de baby het ook door. ‘Hé, als ik dit doe, doet mama dat.’ Dat gaat niet alleen over aangeven dat ze moeten poepen of plassen, maar ook over het aangeven dat ze honger hebben, moe zijn, iets willen pakken, pijn hebben. Noem maar op. Een baby huilt als communicatiemiddel, maar ze maken ook op andere manier duidelijk wat ze nodig hebben. Heel vaak beseffen we niet eens omdat we er al op reageren voor we erover na kunnen denken. Een spartelende baby op je arm zet je al op de grond om te spelen voor je bedacht hebt dat zoiets al een signaal was. Of je geeft melk als de baby begint te happen. Dat was communicatie zonder woorden.

BZC moet vooral leuk zijn.

Als het om de zindelijkheid gaat kun je hiervan de signalen leren lezen. Iets wat mij nog steeds slecht lukt. En je kunt je kind op gezette tijden op het potje zetten. Kort na de voeding plast een baby vaak. Dat is een goed moment om het te proberen. Daarna deed ik het vaak om het halfuur en dan om het uur.
Daarmee vingen we vaak plas en zelfs poep op. Het lukte ook heel vaak niet omdat ik soms met iets anders bezig ben of omdat we op pad zijn. Ik heb Katie ook weleens boven de bosjes gehouden of boven een toilet.

BZC is geen zindelijkheidstraining. Het is de een kindvolgend systeem waarbij je je kind beter aan leert te voelen. Het is vooral zachtaardig bedoeld. Begin vorige eeuw scheen dit ook vaak gedaan te worden, maar dan met dwang en straffen als het mis ging. Dit is bij BZC absoluut NIET de bedoeling. Er is ook geen doel dat je perse moet bereiken. Het gaat alleen maar om het contact met je kind en je kind goed leren kennen. Het is fijn als je je kind goed begrijpt en zo in kunt spelen op zijn behoeften. Dat is de reden waarom ik dit blijf doen. En ik vind het leuk en Katie volgens mij ook. Dat laatste is echt het belangrijkste.

Potjesperikelen

Potjesperikelen

Zindelijk worden is vaak een hele klus. Eigenlijk een overbodige klus, want baby’s schijnen al zindelijk te zijn als ze geboren worden. Dit leren wij ze af door luiers aan te doen. Maar door je baby zo vroeg mogelijk op het potje te zetten, kun je de zindelijkheid behouden.
Ik was razend enthousiast toen ik dit hoorde. Bij Katie begon ik er al een week na de geboorte mee. Na 9 weken ving ik de eerste keer een plasje op. Ik zette haar op vaste momenten op het potje en leek er zelfs een ritme in te ontdekken. Er volgden weken waarin ze dagelijks plaste en ook poepte op het potje. Soms bleef zo de hele dag haar luier schoon.
Ik kon alleen niet goed haar signalen ontdekken die ze gaf als ze moest plassen of poepen. Dit doen baby’s onbewust en door ze te leren kennen en er op te reageren worden ze zich er bewust van en kunnen ze zelf aangeven wanneer ze moeten. De meeste baby’s die het doorhebben -of eigenlijk doorhebben dat jij het door hebt- doen dit graag. Baby’s hebben graag een schone luier.
Helaas heb ik het niet door. Ik dacht eerst dat spartelen een teken was. Maar Katie spartelt bijna de hele tijd. Daardoor zet ik haar vaak voor niets op het potje. Vervolgens kreeg ze last van doorkomende tandjes. Wat ik voor plassignalen aanzag. En ze werd een paar keer verkouden en kreeg zelfs een keer koorts. Toen kon ik haar signalen helemaal niet lezen.
Misschien ging het in het begin wel beter omdat het toen zomer was. Dan plassen baby’s minder. Gelukkig doet de natuur haar werk en zorgt ervoor dat mijn baby goed gevoed en gehydrateerd blijft en dus genoeg plast.

Jammer genoeg zijn er sinds het gekwakkel minder zindelijke dagen. Een paar dagen lukte het helemaal niet en had ik er niet zoveel zin meer in. Nu plast ze heel vaak net nadat ik haar op het potje heb gezet. Net alsof ze liever in haar luier plast. Al geloof ik dat niet. Welke baby heeft er nu graag een vieze luier?
Toch heb ik het nog niet opgegeven. Met 8 maanden ging onze babyzindelijkheidscommunicatie heel moeizaam en dat werkte niet heel motiverend. Katie is nu bijna 10 maanden en weet nog steeds dat het potje bedoeld is om op te plassen of poepen. Dus als ik het blijf proberen onthoudt ze dat hopelijk. Wie weet kan ze over een tijdje zelf met een gebaar of geluid aangeven dat ze moet plassen. Ik vind het nog steeds de moeite waard en ga er voorlopig nog mee door. Katie lijkt het ook allemaal prima te vinden. En dat is het belangrijkste.

Zindelijke baby

Zindelijke baby

Toen Nora 9 maanden oud was las ik voor het eerst over BZC, de afkorting voor babyzindelijkheidscommunicatie. Het ging over een meisje van nog geen twee dat helemaal zindelijk was. Op dat moment was ik totaal nog niet bezig met zindelijkheid, maar mijn interesse was gewekt. Schijnbaar worden baby’s zindelijk geboren en leren wij het ze af door luiers te gebruiken.
Baby’s geven onbewust signalen dat ze moeten poepen en plassen, zoals spartelen, kreunen, rood aanlopen, huilen of onrustig worden. Wij kunnen daar op reageren door ze boven een potje te houden zodat ze daar hun behoefte kunnen doen. Zo leren ze bewust aan te geven dat ze moeten plassen of poepen. Als je daarop reageert kun je de baby helpen zindelijk te blijven.

In veel culturen is dit heel normaal. Er is daar dan ook geen woord voor wat hier BZC wordt genoemd. Vaak dragen de moeders daar hun kind bij zich en voelen daardoor aan wanneer de kleintjes hun behoefte moeten doen.
In het artikel stond hoe je dit principe hier kunt toepassen. Het begint met je kind observeren en zo de signalen ontdekken die ze geven als ze moeten plassen of poepen. Als je ziet dat je kind plast zeg je ‘tsss’. Dan gaat het de link leggen met het plassen. Je kunt ook zelf een geluid verzinnen. Het gaat bij BZC namelijk om de communicatie tussen jou en je kind. Zindelijkheid is daar eventueel een mooie bijkomstigheid van.

20180925_115513

Ik besloot het meteen te proberen met negen maanden oude Nora. Vooral in de hoop dat ze snel zindelijk werd, maar ook omdat ik er nieuwsgierig naar was. Ze begreep best snel dat ‘tsss’ met plassen te maken had, maar het interesseerde haar voor geen meter. BZC schijnt nog prima te kunnen vanaf 9 maanden, maar bij Nora lukte het niet. Het beste kun je beginnen voor de baby zichzelf kan verplaatsen. Dus het hoeft niet eens meteen vanaf de geboorte. Toch besloot ik het bij nummer 2 direct te proberen.
Zodra Katie en ik thuis waren uit het ziekenhuis begon ik. Ze vond het vreselijk en huilde keihard als ik haar op het potje zette. Toch bleef ik het af en toe proberen. Met 9 weken lukte het opeens om een plasje op te vangen. Later die dag lukte het weer en de volgende dag zelfs vijf keer.
Het lukte vooral omdat ik haar geregeld op het potje zetten. Niet omdat ik haar signalen zo goed herkende. Soms bleef de luier een hele dag schoon en soms verschoonde ik net zoveel als zonder BZC. Na 11 dagen poepte ze zelfs op het potje. Het hoeft trouwens niet perse een potje te zijn. Je kunt je kind ook boven het toilet of de wastafel houden. Als je ze maar goed ondersteunt.

Bijvoorbeeld door ze met hun rug tegen jouw buik te laten leunen.IMG-20181007-WA0005Ik doe dit nu ruim 10 weken en vind het echt leuk. Ik ben heel blij iedere keer als het lukt en baal weleens als ik net haar signalen gemist heb. Soms lukt het ook niet om er rekening mee te houden als je op pad bent of druk met andere dingen. ’s Nachts doe ik het sowieso niet.
Ik hoop dat ik Katies signalen beter leer herkennen en dat ze over een tijdje zelf met een gebaar aan kan geven dat ze naar het potje moet. Het maakt niet uit of het lukt. Ik merk wel dat ik door deze methode beter let op wat ze voor signalen ze overal voor geeft. Zo leer ik haar beter kennen. Ik ga er mee door zonder verwachtingen en vooral omdat ik het leuk vind.